Onderwijszorg / leerlingenzorg
KwaliteitszorgElk jaar evalueren we ons onderwijs. Daarbij kijken we kritisch naar zaken die om verbetering vragen. Aan de hand van leerlingresultaten, vragenlijsten, beoordelingen van de onderwijsinspectie en enquêtes komen we tot optimaliseringstrajecten. Zo zijn we bijvoorbeeld een paar jaar bezig geweest om het differentiëren bij het vak rekenen op te zetten en uit te werken. Dit heeft onder andere geleid tot “compacten en verrijken”, een werkwijze waarbij betere leerlingen voortdurend uitgedaagd worden hun capaciteiten optimaal te benutten. Wij vinden het belangrijk dat er een goede opbouw is van alle onderwijsactiviteiten door de hele school heen. Dit houdt in dat we als team veel overleggen om diverse activiteiten goed op elkaar af te stemmen. Hierbij huren we ook externe deskundigheid in. Op schoolniveau gaan we ons in de komende jaren richten op verdere ontwikkeling van de verschillende vormen van differentiatie. Met name de differentiatie bij taal en lezen heeft nu onze aandacht, zodat we nog beter kunnen aansluiten bij de afzonderlijke mogelijkheden van de leerlingen. Met de stappen die we nu al gezet hebben merken we dat de leerlingen enorm betrokken zijn bij hun eigen leerproces, zodat ze inzicht krijgen in wat ze al weten en dus nog moeten leren. Kinderen zijn zich meer bewust van hun eigen ontwikkeling en reflecteren op hun eigen werk. Toetsing en begeleidingOm de ontwikkelingen van de kinderen te volgen en erop in te spelen moet het werk in de klas telkens worden geëvalueerd. Daarom verzamelen we regelmatig gegevens. We observeren kinderen, kijken veel schriftelijk werk na, stellen vragen en laten de kinderen toetsen maken uit de methoden. Dit doen we om het onderwijs zoveel mogelijk af te kunnen stemmen op de mogelijkheden van elk kind. LeerlingvolgsysteemIn alle groepen werken we met een leerlingvolgsysteem voor alle leergebieden. In de kleutergroepen werken we met checklijsten voor de verschillende ontwikkelingsgebieden, vanaf groep 3 nemen we de toetsen af die bij de gebruikte methodes horen. Om onze resultaten te vergelijken met andere scholen, nemen we ook toetsen af die methode-onafhankelijk zijn. Voor de meeste vakken zijn dit halfjaarlijkse toetsen van het CITO (Centraal Instituut voor Toets Ontwikkeling). Voor sommige vakken zijn het jaarlijkse toetsen. Op registratieformulieren worden de resultaten van ieder kind bijgehouden. Op deze manier ontstaat er een overzicht van de behaalde resultaten van de hele basisschoolperiode. Naast de diverse taal- en rekentoetsen van het Cito in de groepen 3 t/m 8 doen we met groep 7 mee aan de Cito-entreetoets en aan het landelijk verkeersexamen van "Veilig Verkeer Nederland". De leerlingen van groep 8 doen mee aan de eindtoets basisonderwijs (eveneens Cito). Speciale leerlingenzorg Clz-begeleidingZorgverbreding en individuele hulpverlening vinden we heel belangrijk. Tweemaal per jaar hebben de leerkrachten van alle groepen een groepsbespreking.Tijdens deze besprekingen worden de zorgleerlingen besproken. Deze besprekingen worden opgezet en uitgevoerd onder verantwoordelijkheid van de coördinatoren leerlingenzorg. Deze leerkrachten coördineren alle zaken die betrekking hebben op de zorgverbreding en de individuele hulpverlening op school. In de praktijk gaan we volgens de volgende procedure te werk: 1. de leerkracht signaleert een probleem; 2. de leerkracht bespreekt de leerling met de ouders en in de leerlingbespreking; 3. er wordt al dan niet een handelingsplan opgesteld, uitgevoerd en geëvalueerd. Ad 2: in de leerlingbespreking kan besloten worden om een handelingsplan op te stellen, en/of te starten met een specifiek hulpprogramma. De leerkracht doet dit zelf of met inschakeling van de remedial teacher. Mocht blijken dat een leerling met de extra hulp te weinig vorderingen maakt, dan kan overwogen worden of er een onderzoek zal worden aangevraagd bij de Permanente Commissie Leerlingenzorg. De PCL is een commissie van ons samenwerkingsverband Beuningen. Deze PCL bestaat uit twee clz-ers, een orthopedagoog en de directeur van de school voor speciaal onderwijs in Beuningen. Zij bepalen of een onderzoek plaats kan vinden en wie dat uit gaat voeren. Hierbij wordt veelal een beroep gedaan op de expertise van een onderwijsbegeleidingsdienst. De ouders worden bij alle voorgenomen acties betrokken. Hulp van externe deskundigenAls blijkt dat een kind met leer en/of gedragsproblemen in de groep niet genoeg geholpen kan worden, dan kan de leerkracht ook de hulp vragen van een individuele hulpverlener van een onderwijsbegeleidingsdienst. Dit gebeurt alleen als de ouders hiervoor toestemming hebben gegeven. De leerling wordt dan aangemeld bij een orthopedagoog van die dienst. Vier keer per jaar hebben wij consultatiegesprekken met deze orthopedagoog. De zorgleerlingen worden dan met hem/haar doorgesproken. In veel gevallen geeft de hulpverlener tips om verder te kunnen met de leerling. Er wordt een programma opgesteld voor individuele hulp. Naast de individuele hulp is de onderwijsbegeleidingsdienst ook behulpzaam zijn bij het organiseren of opzetten van diverse onderwijskundige veranderingsprogramma's. Bijvoorbeeld bij het kiezen van een nieuwe rekenmethode of de invoering hiervan. Deze hulp wordt jaarlijks opnieuw na onderling overleg tussen team en de begeleidingsdienst vastgesteld. Ambulante hulp vanuit het speciaal onderwijsVanuit de gedachte dat we alle leerlingen passend onderwijs willen aanbieden trachten we ons onderwijs zo in te richten dat we aan kunnen sluiten bij zoveel mogelijk leerlingen. Wanneer dit niet helemaal lukt is het mogelijk om voor bepaalde kinderen extra faciliteiten aan te vragen bij het ministerie. Bedoeld worden kinderen met een lichamelijke handicap, taal-, spraakmoeilijkheden of kinderen met bijvoorbeeld epilepsie. Deze kinderen moeten aangemeld worden bij een school voor speciaal onderwijs. Er volgen testen door deze school en dan kan begeleiding aangevraagd worden. De leerling blijft gewoon bij ons op de Peppel. Wij worden begeleid door deskundigen (de ambulante begeleiders) om deze leerling bij ons op school zo goed mogelijk te begeleiden. Als wij niet in staat zijn om uw kind passend onderwijs te bieden In de Wet Primair Onderwijs staat dat elke basisschool de opdracht heeft om haar onderwijs af te stemmen op kinderen met speciale onderwijsbehoeften. De speciale onderwijszorg kan van een zodanige aard en omvang zijn dat een basisschool deze niet kan bieden. De Wet Primair Onderwijs en de Wet op de Expertisecentra bieden dan de volgende mogelijkheden: 1 Uw kind kan speciaal onderwijs krijgen op een speciale school voor basisonderwijs (in de gemeente Beuningen is dat de Klavervierschool). 2 Uw kind kan speciaal onderwijs krijgen op een zeer speciale school voor basisschool, verbonden aan een Regionaal Expertisecentrum, ook wel REC-school genoemd. In ons land kennen we 4 typen REC-scholen: · scholen voor kinderen, die blind of slechtziend zijn · scholen voor kinderen, die doof zijn of slechthorend scholen voor kinderen met ernstige spraak- en/of taalmoeilijkheden · scholen voor zeer moeilijk lerende kinderen, scholen voor langdurige zieke kinderen en scholen voor kinderen met een lichamelijke handicap · scholen voor kinderen met ernstige gedrags- en opvoedingsproblemen problemen 3 Een kind kan op een gewone basisschool of een speciale school voor basisonderwijs speciaal onderwijs krijgen met een toelaatbaarheidsverklaring voor een REC-school, ook wel “een kind met een rugzak” genoemd. Genoemde wetten komen tegemoet aan de toenemende vraag uit de samenleving om kinderen met een beperking zoveel mogelijk in hun eigen woonomgeving onderwijs te laten krijgen. Verder wordt via beide wetten het recht van ouders van vrije onderwijskeuze voor hun kind versterkt. Het wettelijk recht op keuzevrijheid betekent niet dat kinderen automatisch toegang krijgen tot iedere school. Ad 1 Speciale onderwijszorg op een speciale school voor basisonderwijs Als ouders, na overleg met de school, denken dat hun kind het beste op zijn plaats is op een speciale school voor basisonderwijs (in de gemeente Beuningen is dat de Klavervier-school) kunnen zij hun kind aanmelden bij de Permanente Commissie Leerlingenzorg. Deze commissie is verantwoordelijk voor het afgeven van toelaatbaarheidverklaringen voor de speciale school voor basisonderwijs. De toelatingsprocedure staat beschreven in het zorgplan van het Beuningse Weer-Samen-Naar-School-samenwerkingsverband, waarvan onze school deel uit maakt. Ad 2 Speciale onderwijszorg op een REC-school Als ouders, al dan niet na overleg met de school, denken dat hun kind het beste op zijn plaats is op een van de REC-scholen, melden zij hun kind voor een toelaatbaarheidverklaring aan bij een Centrale Commissie voor Indicatiestelling. Ad 3 Speciale onderwijszorg op een gewone basisschool of een speciale school voor basisonderwijs met een toelaatbaarheidverklaring voor een REC-school (een kind met een rugzak”) Als ouders van een kind met een toelaatbaarheidverklaring voor een REC-school denken dat hun kind ook speciaal onderwijs kan volgen op onze basisschool, hanteren we de volgende uitgangspunten en aanmeldingsprocedure: · Over elke leerling met een rugzak, die aangemeld wordt op onze school, nemen wij een individueel besluit. · Bij dit individueel besluit laten wij ons leiden door het belang van het kind en de mogelijkheden van onze school om verantwoord speciaal onderwijs aan het kind te bieden. Aandachtspunten hierbij zijn: het gewenste en realiseerbare pedagogisch klimaat; het gewenste en realiseerbare leerklimaat; de gewenste en realiseerbare deskundigheid van leerkrachten; de extra begeleidingsmogelijkheden op onze school; de externe ondersteuningsmogelijkheden; samenwerking met de ouders; gebouwafhankelijke factoren en materiële voorzieningen. · Wij hanteren hierbij in hoofdlijnen de volgende procedure: - Er vindt een verkennend gesprek met de ouders plaats. - Er wordt een inschatting gemaakt of onze school het kind die vorm van speciaal onderwijs kan bieden dat het nodig heeft. Als dit wenselijk is wordt hierbij externe hulp ingeschakeld. Voor een REC-kind met een rugzak is begeleiding door de betreffende REC-school verplicht. - Het team wordt gehoord over een te nemen besluit. - De directie en het schoolbestuur nemen een besluit. - Het besluit wordt schriftelijk aan de ouders meegedeeld. Uiteraard kunnen ouders nadat het besluit in een gesprek is toegelicht bezwaar aantekenen bij het bevoegd gezag. Hiervoor geldt de procedure die op school is in te zien.
LogopedieEén ochtend per week is een logopediste op onze school aanwezig. Logopedische hulp is vaak nodig bij problemen die te maken hebben met spreken en verstaan. Dit kunnen problemen zijn op het gebied van stemgebruik en spraak (b.v. niet goed uitspreken van klanken of stotteren), ademhaling, maar ook onvoldoende taalbegrip en taalgebruik of onvoldoende klankwaarneming of slechthorendheid. In het algemeen wordt elk kind voor het eerst door de logopedist bij de screening van de oudste kleuters gezien. De screening is een kort logopedisch onderzoek voor alle “oudste kleuters”. Leerkrachten kunnen kinderen aanmelden bij de logopediste als zij dit nodig vinden. Dit wordt altijd eerst overlegd met de ouders. Voor meer en/of specifieke informatie hierover kunt u altijd bij onze coördinator leerlingenzorg of logopedist terecht. Schoolarts Het schoolgezondheidsteam van de GGD regio Nijmegen bezoekt alle basisscholen in de gemeente Beuningen. De volgende acties zijn op alle scholen structureel: · groep 2: Preventief gezondheidsonderzoek door arts en assistent; · groep 7: Preventief verpleegkundig onderzoek door verpleegkundige; · alle leerlingen: onderzoek door arts, verpleegkundige, assistente of logopediste naar aanleiding van eerder onderzoek. Extra onderzoek door arts, verpleegkundige, assistente of logopediste op verzoek van ouders / verzorgers of derden (b.v. schoolbegeleidingsdienst) is, in onderling overleg, altijd mogelijk. De opvang van nieuwe leerlingenAls een vierjarige bij ons op school voor het eerst de nieuwe groep binnenstapt, zal er in de eerste plaats aandacht besteed worden aan het welbevinden van de nieuwe leerling. Hiermee bedoelen we dat een kind zich veilig en op zijn gemak voelt. Deze basis vinden wij heel belangrijk voor een kind. Alleen vanuit zo’n goede basis kan hij zich verder ontwikkelen. Dit geldt natuurlijk niet alleen voor 4-jarigen, maar ook voor alle oudere kinderen die tussentijds instromen. Een 4-jarige kleuter krijgt in de eerste weken op school veel te zien en te verwerken. De overgang vanuit de thuissituatie en/of peuterspeelzaal is voor sommige kinderen zó groot dat het verstandig is om in zo'n geval de kleuter alleen 's morgens naar school te laten gaan. Dit gebeurt dan wel altijd in overleg met de leerkracht. Hebt u al de kleuterbrochure ontvangen? Vraag er gerust naar! Voordat een kleuter 4 jaar wordt, mag hij/zij 5 dagen (of 10 dagdelen) meedraaien om vast te wennen aan de groep. De exacte dagen worden in onderling overleg tussen ouders en leerkracht afgesproken. Vanaf de 4e verjaardag is de kleuter officieel ingeschreven en mag hij/zij elke dag komen. Elke nieuwe kleuter krijgt een oudste kleuter aangewezen die speciaal voor hem/haar zorgt. Helpen met de jas halen, naar het toilet gaan, een werkje zoeken etc. Wanneer de nieuwe kleuter het zelf kan en zich goed aangepast heeft doet de oudste kleuter een stapje terug.
|